bel voor meer informatie  06-16274392

Astrologie blog

Cheiron, de gewonde genezer

Één van die recent herontdekte mythologische thema’s is het archetype van de gewonde genezer die in de Griekse mythologie Cheiron heette. In de New Age cultuur van de jaren ’70 en ’80 werd zijn energie herontdekt en toegepast in energetisch en spirituele therapieën, sjamanisme, familieopstellingen en holistische geneeswijzen. Daarnaast in het toenemende milieubewustzijn en het besef dat de Aarde misschien wel een levend wezen is: Gaia. De herontdekking van zijn energie viel samen met de ontdekking in 1977, door sterrenkundige Charles Kowal, van een nieuw hemellichaam dat hij de naam Cheiron gaf.

Astrologen gingen zich al snel realiseren dat zich hier, zoals vaker in de astrologie, een wonderlijk voorbeeld van betekenisvol toeval – synchroniciteit - had voorgedaan. Wetenschapper Kowal, die zelf niets had met astrologie, had uitgerekend de naam gekozen van de gewonde genezer uit de Griekse mythologie. Na uitgebreid onderzoek door astrologen wereldwijd naar het effect van deze Cheiron in talloze horoscopen bleek al snel dat zijn positie in de horoscoop veel kan vertellen over de diepe wond in iemands leven, alsook over de therapeutische of helende capaciteiten waarover iemand beschikt en welke vorm deze aannemen. Cheiron bleek bijvoorbeeld een prominente plaats in te nemen onder therapeuten in de meest brede zin van het woord, zowel regulier als complementair. De wond waar Cheiron in de horoscoop ook informatie over geeft, bleek bij nader onderzoek een wond in de ziel te zijn, die niet altijd voortkomt uit persoonlijk ondergaan leed, maar ook uit het leed dat één, twee, drie en soms vier generaties eerder door één of meer familieleden was ondergaan. Het is een geërfde pijn die het leven van meerdere generaties bepaalt. Een soort biologisch karma.

De mythe

Cheiron werd geboren uit de min of meer onvrijwillige gemeenschap van de machtige god Kronos en de even goddelijke nimf Philyra. Kronos was op Aarde op zoek naar zijn zoontje Zeus met het plan hem, net als al zijn andere kinderen, te verorberen, zodat hij voor altijd zelf de grote hemelgod kon blijven. Tijdens die zoektocht viel zijn oog op de mooie nimf Philyra, dochter van het oerelement Water, die echter niets van hem wilde weten. Om aan hem te ontsnappen, veranderde ze zichzelf in een merrie, maar dat mocht niet baten, want Kronos misleidde haar op zijn beurt door zichzelf in een mooie hengst te veranderen. Op deze manier lukte het hem om toch met Philyra te paren. Uit hun gemeenschap werd Cheiron geboren, met het onderlichaam en de benen van een paard en het bovenlichaam van een mens. Toen Philyra haar kind zag, voelde ze zo’n afkeer dat ze de goden smeekte haar in wat dan ook te veranderen, als ze maar niet met haar kind geconfronteerd hoefde te worden. De goden gaven gehoor aan haar verzoek en veranderden haar in een lindeboom. In sprookjes en mythologie is lindebloesem een middel om het bewustzijn te verliezen. Zo werd Cheiron al heel jong verlaten door zijn moeder. Gelukkig vond niemand minder dan zonnegod Apollo hem, die zijn pleegvader en mentor werd.

De geboorte van Cheiron laat al typische Cheiron-thema’s zien. Hij werd verwekt terwijl zijn goddelijke ouders zich in een paardengedaante hadden gehuld en bij zijn geboorte wijst zijn moeder het product van dit samenzijn af. Vaak wordt dit geïnterpreteerd als een afwijzing van het dierlijke en instinctieve, maar dan projecteer je veel latere christelijke of psychologische theorieën op een heel oude mythe. Het paard was van oudsher een hemels wezen, symbool voor de bevruchtende, scheppende eigenschappen van de hemel. De beroemde godsdiensthistoricus en antropoloog Mircea Eliade noemde het paard een symbool voor “de doorbraak naar een hoger niveau van bewustzijn”. Het lijkt er meer op dat Philyra juist schrok van de menselijke bovenhelft van haar kind. Waar kon die immers vandaan komen in het kind van twee goden die zich in hun hemelse (paarden)gedaante hadden verenigd? Onverwacht werd Philyra hier geconfronteerd met de erfenis die haar zoon leek te belichamen.

De lichaamsbouw van haar zoon symboliseerde een dominerend, want aan de bovenzijde gezeten, bewustzijn dat menselijk en aards was. Het stond letterlijk bovenop een ‘onder’-bewustzijn dat paardachtig en hemels was. Die menselijke helft was de onvermoede erfenis van Kronos’ diepe band en bondgenootschap met zijn moeder Gaia, de Aarde zelf. Die band was zo diep dat hij bereid was geweest namens haar wraak te nemen op zijn eigen vader Ouranos, de Hemel. In zijn levensverhaal komt hij naar voren als het wraakzuchtige en hardvochtige instrument van zijn moeders pijn. Zelf zou hij daar ook het slachtoffer van worden, toen zijn eigen zoon (Zeus) eveneens als instrument voor zijn moeders wraakzucht zou dienen. Pijn, wraak en strijd leiden tot afscheiding, bij uitstek de aardse en vooral menselijke conditie. In de oude mythologie is de mens aards en staat hij tegenover de goden en de hemel. Dat was lang voordat de mens, als een soort goddelijk of halfgoddelijk wezen, tegenover de natuur of de aarde geplaatst zou worden. Zo onthulde Cheirons lichaamsbouw de verborgen erfenis van zijn vader: het in de mens belichaamde aardse bewustzijn waarin pijn en strijd vaak de boventoon voeren.

Nadat hij afgewezen en verlaten is door zijn moeder, ontfermt de god Apollo zich over die vreemde jongen met het onderlichaam van een paard. Zonnegod Apollo was verbonden met alles wat licht en verheven was. Hij was daarom ook de god van (helende) muziek, voorspellende kunsten, poëzie en geneeskunde. Daarnaast was hij een indrukwekkende verschijning: een mooie, jeugdig ogende man met nobele gelaatstrekken die altijd wijs en rechtvaardig optrad. In tegenstelling tot alle andere Griekse goden, was hij nooit jaloers of wraakzuchtig, maar juist hulpvaardig en vergevingsgezind. Cheiron had zich geen betere pleegvader kunnen wensen en onder de bezielende invloed van Apollo ontwikkelt hij zijn hoogste (d.w.z. hemelse) vermogens. Ook Cheiron blinkt al snel uit in poëzie, muziek en geneeskunde, met name in de toepassing van hun helende kracht. Als volwassen man werd hij de natuurlijke leider van de centauren: wijs, profetisch begaafd, leraar, geneesheer en musicus. Plaatselijke vorsten vertrouwden hun zonen toe aan Cheiron voor hun vorming tot wijze leiders. Vele Griekse helden bezochten Cheiron om zijn raad te vragen, onder andere de dappere en trotse Achilles, de onvoorstelbaar sterke Hercules en de mysterieuze genezer Aesclepius. Hij bracht ze praktische vaardigheden bij, zoals paardrijden, boogschieten en jagen , maar vooral ook de beginselen van ethiek, muziek, de juiste uitvoering van religieuze rituelen en kennis van de verborgen krachten van planten en sterren. Met name het homeopathische principe van ‘een wond of een ziekte kan alleen genezen worden door (een kleine dosis van) datgene wat haar veroorzaakte’ werd in de Oudheid aan Cheiron toegeschreven. Dit principe is ook duidelijk in individuele horoscopen aan het werk te zien wanneer je als astroloog de energiestromen van het huidige moment vergelijkt met de basisenergie van iemands geboortehoroscoop.

De Gewonde Genezer

De episode waarin duidelijk wordt hoe Cheiron de bijnaam ‘Gewonde Genezer’ kreeg, vormt de kern van zijn levensverhaal. Cheirons meest geliefde leerling Hercules werd uitgenodigd voor een maaltijd bij de centauren, zonder dat Cheiron zelf daaraan deelnam. Het noodlot sloeg toe, want al gauw ontstond er een ruzie die uitliep op een groot gevecht. De centauren vluchtten alle kanten op, achterna gezeten door de zeer sterke en pijlen schietende Hercules (of Herakles). Te midden van het gevecht strompelde een gewonde centaur naar de grot van Cheiron en direct ontfermde deze zich over de gewonde. Op dat moment werd Cheiron echter zelf in zijn achterbeen geraakt door een rondzwervende pijl. Anders dan de andere centauren, was Cheiron goddelijk en daardoor onsterfelijk. Het gevolg was dat hij wel helse pijnen leed door zijn verwonding, maar niet kon sterven aan zijn verwonding. Toen eenmaal duidelijk werd wie de verdwaalde pijl afschoot, voegde zich ook nog een pijnlijk besef bij zijn lichamelijke pijn. Het was uitgerekend zijn geliefde leerling Hercules die hem per ongeluk verwondde. Hercules – zelf een halfgod en het toonbeeld kracht, moed en verstand - was misschien wel Cheirons beste leerling geweest.

Dat het uitgerekend Hercules is die Cheiron verwondt, laat zien dat Cheirons erfenis, en daardoor zijn onvermijdelijke lot, aan het werk is. Hercules was de grote held en sleutelfiguur in een andere grote, mythische strijd, de zogenaamde Gigantenstrijd. Deze was opnieuw op initiatief van de wraakzuchtige Gaia ontstaan om zich van de heerschappij van haar kleinzoon Zeus te ontdoen. Dit was de derde keer dat Gaia zich van haar echtgenoot (of zoon of kleinzoon) en machthebber wilde ontdoen. In die Gigantenstrijd was er een voorspelling die luidde dat pas wanneer er een sterveling aan het gevecht zou meedoen de strijd in het voordeel van Zeus beslecht zou worden. Die sterveling was Hercules, zoon van Zeus en een menselijke vrouw. Zijn sleutelpositie in de overwinning van de goden, onder leiding van Zeus, is in zoverre opvallend omdat hij als sterveling uiteindelijk een zoon van Gaia was. Hercules symboliseert een aardse kracht die zich inzet voor een hemelse zaak, namelijk het belang van de Olympische goden. Daarom gold Hercules in heel Griekenland, in de eeuwen voor onze jaartelling, als een belangrijke spirituele figuur met talrijke cultusplaatsen. Het beeld van Hercules als de ongecompliceerde krachtpatser is van veel later datum. Echter, als Gaia’s aardse zoon verwondt Hercules ‘per ongeluk’ en tijdens een onnodige ruzie zijn geliefde mentor Cheiron, zodanig dat deze alleen nog maar naar verlossing kan smachten. ‘Per ongeluk’ wil zeggen, in een nogal onnozel en onnodig gevecht dat hierdoor in nogal schril contrast stond met de verheven inzet van de Gigantenstrijd. In de schermutseling met de centauren liet Hercules zich, in een vlaag van aardse onbewustheid of onoplettendheid, meeslepen in plaats van dat hij zijn krijgercapaciteiten bewust inzette voor een hoger doel.

Dit lijkt erop te wijzen dat het aardse, of menselijke, bewustzijn nog moet groeien om zich zodoende z’n oorspronkelijke band met de Hemel te realiseren. Net als Cheiron, blijft het aardse bewustzijn anders een geïsoleerde wees die gedoemd is onverdiende en onbegrijpelijke pijnen te lijden. De natuurlijke spiritualiteit van dieren diende in deze, ook voor de Grieken, oude mythe als model. De band met het Grote Geheel maakt vanzelfsprekend deel uit van het dierlijk bewustzijn. Het beeld van de diermens symboliseerde ooit het volledige besef van deze vanzelfsprekende band en de natuurlijke wijsheid en helende vermogens die uit deze belichaming van de innerlijke, spirituele (‘hemelse’) krachten voortkomt.

Na zijn verwonding wordt Cheiron, ironisch genoeg, een steeds betere genezer voor anderen. Doorlopend probeert hij zichzelf tevergeefs te helpen, waardoor zijn inzichten en vaardigheden zich enorm verdiepen. Het zijn echter alleen anderen die daar de bijzondere vruchten van plukken, nooit hijzelf. In de horoscoop geeft Cheiron vaak de dingen aan waarin we anderen kunnen helpen, terwijl het bij onszelf niet lukt. Kwaliteiten waar we stelselmatig overheen lijken te kijken, terwijl anderen ze duidelijk in ons waarnemen. Vaak zijn het deze voor onszelf verborgen kwaliteiten die we zo hard nodig hebben voor onze eigen groei en genezing.

De hele dynamiek in Cheirons verhaal laat bovendien een drietal rollen zien die we allemaal binnenin onszelf kunnen aantreffen, maar die we meestal juist uitspelen met anderen, zoals onze partner, kinderen, ouders, cliënten, collega’s, (oud-)docenten, etc. Dat zijn de rollen van 1) de gewonde of het slachtoffer, 2) de verwonder of de dader en 3) de genezer, verlosser of redder. Afwisselend nemen we onszelf waar in één van deze rollen – en worden we er helemaal door geleefd – en vervullen anderen de overblijvende twee rollen. In de horoscoop is goed te zien op welk terrein zich dit voor iemand afspeelt en waarin de voor onszelf verborgen kwaliteiten te vinden zijn.

Cheirons verlossing uit zijn lijden

Cheiron beschrijft in een horoscoop onze steeds terugkerende, en werkelijk onoplosbaar lijkende, problemen. Hoe we deze proberen te helen met onze hoogste en meest beschaafde kwaliteiten en hoe juist deze kwaliteiten ons naar steeds grotere problemen toe lijken te leiden. Cheirons verhaal onderstreept de noodzaak van het aanvaarden van ons ‘gewond zijn’, hoe onverdiend dit ook lijkt, als een voorwaarde voor verlossing.

De verlossing – niet de genezing – van Cheiron maakte deel uit van een groter plan. Elders in de tijdloze mythische wereld had zich rond de goddelijke Prometheus een ander drama afgespeeld. Prometheus had oppergod Zeus op humoristische wijze in de maling genomen en de woedende Zeus besloot toen uit wraak om de mensheid het vuur af te nemen. Het vuur was een alom bekend symbool voor het licht van bewustzijn, afkomstig uit de hemel. Prometheus vond het onrechtvaardig dat de mensheid voor zijn grap werd gestraft en gaf haar stiekem het vuur weer terug. Toen Zeus dat tot zijn ontsteltenis ontdekte, schiep hij een prachtige vrouw met een geheimzinnig doosje en zond deze naar de mensen. Haar naam was Pandora. Prometheus strafte hij deze keer wel rechtstreeks door hem voor eeuwig vast te ketenen aan een rots in de Onderwereld en een griffioen (half adelaar, half leeuw, resp. symbolen voor hemel en aarde) hem zijn lever elke dag te laten uitpikken, waarbij zijn lever elke nacht weer aangroeide. Zeus gaf Prometheus nog één hoop mee om ooit verlost te worden: “als er één onsterfelijk wezen is dat bereid is om naar de Onderwereld te komen, en dus te sterven, om jouw plaats in te nemen, dan zul jij, Prometheus, bevrijd worden”. Een goddelijk wezen moest dus voor Prometheus zijn onsterfelijkheid opofferen, wilde hij vrij komen.

Hercules hoorde hierover en verzocht Zeus nederig – dus wel gebruik makend van zijn moed, maar niet van zijn kracht - of zijn gewonde mentor, Cheiron, de plaats van Prometheus mocht innemen. Na lang beraad ging Zeus hiermee akkoord. Zo werd Hercules, degene die Cheiron per ongeluk verwondde, ook degene die verlossing van zijn pijn mogelijk maakte. Cheiron moest hiervoor een groot goed, zijn meest bijzondere eigenschap, opgeven en verloste hierdoor iemand anders uit zijn lijden. Door Cheirons offer konden hij en Prometheus ruilen van lotsbestemming, iets wat normaal gesproken volstrekt onmogelijk was. Elk levend wezen, sterfelijk of onsterfelijk, had een vooraf bepaald lot dat door de drie Schikgodinnen in de schepping was geweven en waar niet aan te tornen viel. Zelfs Zeus moest zich hieraan onderwerpen, behalve in deze bijzondere uitruil.

Cheiron nam Prometheus’ plaats in en stierf eindelijk. Negen dagen later nam Zeus hem op en gaf hem een plaats aan de hemel als het sterrenbeeld Centaurus (of Boogschutter), waarmee hij Cheiron, die altijd voor anderen had klaar gestaan en die zijn meest bijzondere eigenschap had geofferd om zichzelf en een ander van zijn pijn te verlossen, tot een onsterfelijk hemels wezen maakte. De sterrenbeelden golden in de Oudheid als een select gezelschap van goddelijk bezielde wezens die de wereld met hun uitstraling in stand houden. Daarnaast golden de sterren als ons oorspronkelijk thuis.

Hercules’ verwondende pijl had Cheirons geërfde conflict, zijn onverdiende lijden, tussen het aardse en het hemelse, het sterfelijke en het onsterfelijke, aan het licht gebracht. Zijn wond deed hem lijden aan zijn onsterfelijkheid, niet aan zijn sterfelijkheid, want die zou hem juist verlossen van zijn pijn. Als onsterfelijk, hemels wezen, leed hij onder de erfenis van aardse strijd om wraak, heerschappij en exclusiviteit. Uiteindelijk belichaamde hij het ongemakkelijke huwelijk tussen Ouranos en Gaia, Hemel en Aarde, het allereerste paar, en de andere hemel-aarde-huwelijken die daarop zouden volgen. Huwelijken waarin misbruik van elkaars kracht en zwakte, tezamen met listen en wraak, centraal stonden en telkens in het voordeel van de aardemoeders en hun zoons uitpakten. Cheirons mythe laat zien dat dit zo niet verder kon gaan en introduceert een volkomen nieuw motief om deze eindeloze strijd te stoppen: het offer.

Cheiron offert zijn kostbaarste goed op en geeft daarmee datgene op waartegen de aardemoeders en hun zoons zo fel streden: zijn hemelse aard, de paardhelft van zijn wezen waarin hij ook door de pijl was getroffen. Hij geeft zich daarmee eigenlijk gewonnen. Hij geeft de strijd, die een innerlijke strijd geworden is, op. Het was waarschijnlijk dit conflict, dat alleen met een zelfoffer beslecht kan worden, waar zijn moeder, Philyra, zo voor terugschrok toen ze het in haar zoon belichaamd zag. Maar het was juist ten gevolge van dit offer dat Cheiron, na zijn lichamelijke dood (de volledige acceptatie van zijn sterfelijke, aardse kant), volledig gerehabiliteerd werd door de hemelse machten. Je zou kunnen zeggen: door zijn aardse lot (vol onverdiende pijn en strijd) volledig te aanvaarden, kreeg hij alsnog toegang tot het hemelse waar hij, ten einde raad, juist afscheid van had genomen.

Cheirons energie in ons leven wijst ons naar de telkens terugkerende pijn van oude wonden en onoplosbare problemen waarvan we menen dat we ons daar niet bij kunnen neerleggen, omdat de pijn een onoplosbaar dilemma blootlegt. We moeten er iets aan doen, maar lijken een vruchteloze strijd te voeren. Pas wanneer we onze pijn, ons gebrek – wat we niet hebben en vroeger nooit kregen – volledig accepteren, kan er iets gebeuren. Het is niet dat de wond geneest. Die blijft op aards niveau altijd bestaan, maar we worden verlost. Dat wil zeggen, ons bewustzijn bereikt een ander niveau. Dan komt de energie van onze gave vrij, die vaak een energetisch en transpersoonlijk karakter heeft. We hebben onze hemelse gaven niet gekregen om onze aardse doelen te realiseren, maar om ons bewustzijn te verheffen.

Het symbool voor de teruggevonden heelheid, de hereniging van lichaam en ziel, is het oude beeld van de diermens, diersjamaan of diergenezer, die in vele gedaanten zijn terug te vinden in oude culturen. In prehistorische grotschilderingen, als mens-dierlijke god bij de Egyptenaren en Azteken, of als fabelwezen, zoals de oud-Griekse Centauren die half mens half paard waren. Samengestelde wezens die zowel de splitsing, als de vereniging, van lichaam en ziel kunnen verbeelden. Ze zijn een symbool voor het gewonde god-dier binnenin ons en tevens van de bevrijde mens. Het innerlijke dier, verwond door de van zijn goddelijkheid (waaronder ook zijn natuurlijke, intuïtieve spiritualiteit) vervreemde mens, die daarmee ook zijn natuurlijke ziel is kwijtgeraakt. De mens kan zich bevrijden door zich bewust te herenigen met deze innerlijke dier-god, waarmee ook zijn lichaam zo innig verbonden is.

Voorbeelden

Ik wil hier kort de situatie met betrekking tot Cheiron in de horoscoop bespreken van een aantal van mijn cliënten, zonder al te diep in te gaan op de voor leken onbegrijpelijke technische aspecten van astrologie. Ik vermeld alleen dat, alhoewel Cheirons thematiek mythisch en universeel is, zijn positie in een horoscoop de astroloog informatie geeft over de uitwerking van zijn energie in iemands individuele leven.

Bij drie vrouwen die mij de afgelopen jaren bezochten, staat Cheiron in een positie die met de moeder en de heel vroege jeugd wordt verbonden. Alle drie erfden ze een pijn van hun moeder, al had die pijn heel verschillende uiterlijke oorzaken. Bij één was de moeder als klein meisje misbruikt, bij de ander jong weduwe geworden en de derde stierf bijna bij de geboorte van haar dochter, wat een groot familiegeheim was omdat bij de geboorte serieus werd overwogen de baby (mijn cliënt) op te offeren voor het leven van de moeder.

De verhoudingen in het gezin waarin ze opgroeiden, en de familie waaruit ze voortkwamen, zullen nooit veranderen. Dat is iets wat ze zullen moeten accepteren en hoort als zodanig bij Cheiron: acceptatie van de (aardse en vaak tragische) feiten zoals ze zijn. Op het aardse niveau zal de wond altijd blijven. Waar Cheiron je toe uitdaagt, is om op transpersoonlijk, ‘hemels’, niveau iets te genezen – in het geval van deze vrouwen op het gebied van gezin, moederschap of geboorte. Elk van hen zou iets binnenin zichzelf kunnen vinden dat genezend en inspirerend is en dat is in hun geval de acceptatie van hun moederschap op zielsniveau. Voorwaarde hiervoor is de acceptatie van het gemis aan onvoorwaardelijke moederliefde, iets wat ze als kind niet kregen, hoe verschillend hun omstandigheden ook waren. Twee van deze vrouwen hebben overigens, niet geheel toevallig, gezien hun achtergrond, geen kinderen.

Wanneer je deze vrouwen zou kennen, zou het direct duidelijk worden hoe onwaarschijnlijk de ‘acceptatie van hun moederschap op zielsniveau’ juist voor hen is. Toch is het precies hier dat ze hun grootste innerlijke groei doormaakten en tot vervulling in hun bezigheden kwamen, door zich op de een of andere manier bezig te gaan houden met een symbolisch moederschap. Frappant genoeg vertelden ze mij, onafhankelijk van elkaar (ze kennen elkaar ook helemaal niet), dat het beeld van ‘de vroedvrouw’ zoveel voor hen is gaan betekenen. Alle drie passen ze deze ‘vroedvrouw-energie’ toe op een terrein dat goed bij ze past. De ene als yogadocente, met een specialisatie in zwangerschaps- en kinderyoga, de ander in de creatief-spirituele workshops die ze begon te geven aan mensen die opgesloten zitten in zichzelf en voor wie zij psychologisch een vroedvrouw is, en de derde, met hetzelfde doel, in de passie die ze ontwikkelde voor verhalen vertellen. Zowel het leraarschap, als therapeutisch contact met mensen, zijn met Cheirons energie verbonden.

Ik zie dit dan ook telkens opnieuw bevestigd bij cliënten op heel diverse manieren: dat wat je onthouden is, is vaak ook je gave. Maar het is een gave omgeven met pijn. Je staat er bovendien gevoelsmatig alleen voor: je hebt nooit een voorbeeld gehad juist voor het ontwikkelen van deze gave en kon deze daardoor nergens leren. Je hebt haar van binnenuit naar boven gehaald en moest daarvoor een confrontatie aan met een pijnlijk en onverdiend lijden dat één of meer generaties teruggaat.

Een ander voorbeeld zijn twee cliënten met Cheiron in een positie die wijst in de richting van relaties. Beide zijn mensen die van nature uitreiken naar de ander om daarmee in verbinding te komen. In hun allervroegste relatie, met hun moeder, ervoeren ze echter, ieder op hun eigen manier, dat dit uitreiken niet wederzijds was. Al beweerde hun moeder het tegendeel, uitreiken was iets wat ze gewoon niet kon en waar ook hun huwelijk onder te lijden had. Mijn cliënten ondervonden als volwassene nog steeds regelmatig het gevoel van afwijzing of kou in relaties. Als therapeut hebben ze echter juist de gave om op energetisch niveau uit te reiken naar hun cliënten, die dit ook, op zuiver energetisch niveau, beantwoorden, met zeer helende gevolgen. Één van hen is craniosacraal-therapeut, de andere is weliswaar officieel schoonheidsspecialiste, maar staat binnen een groot informeel netwerk bekend als iemand die zeer helend werk doet en ook om die reden een volle praktijk heeft.

Twee andere cliënten hebben Cheiron in een positie die te maken heeft met zelfexpressie, waartoe onder andere het krijgen van kinderen wordt gerekend, maar ook creativiteit en natuurlijk leiderschap. Beiden waren, tegen de tijd dat ze de overgang bereikten, nog steeds kinderloos en één daarvan vertelde me dat ze dat zag als haar droeve lot. Hun pijn strekte zich echter naar een fundamenteler niveau uit, namelijk naar een gemis aan ervaringen in de jeugd van onbevangen zelfexpressie en soms eens ‘in het zonnetje staan’ ten gevolge van een sfeer binnen het ouderlijk huis van verstikkende normen, oordelen en ‘solidariteit’ (of ‘consideratie’) met de ander (een ouder of ander gezinslid). Beiden hadden echter de gave van een onbevangen zelfexpressie op energetisch niveau die inspirerend en helend uitwerkt op de mensen in hun omgeving, waaronder cursisten en cliënten. Het zijn bepaald geen opvallende persoonlijkheden die graag centraal staan, maar beiden merken dat wanneer ze uiting geven aan hun natuurlijke zelf, hun natuurlijke energie, ze automatisch, bijna ondanks zichzelf, uitgroeien tot de spil van een gezelschap of een netwerk.

Mijn laatste voorbeeld is een psychologe met Cheiron in de positie die informatie geeft over je vermogen om je heelheid en integriteit te bewaren, alsook over je potentieel, zowel in de vorm van talenten, als van fysieke vruchtbaarheid. Dit vermogen was overduidelijk in haar verwond en leek een echo van schokkende of ontwrichtende ervaringen die zij zelf, maar ook voorgaande generaties, had ondergaan. Dit ging zelfs zo ver dat ze al op jonge leeftijd borstkanker en baarmoederhalskanker ontwikkelde, een letterlijke ontwrichting op fysiek niveau, juist aan die organen die met groei en vruchtbaarheid zijn verbonden. Op symbolisch en energetisch niveau, dus als psycholoog, kon zij haar cliënten juist bijzonder veel bieden om hun verloren heelheid en potentieel weer terug te vinden.

Tot slot is het misschien interessant om te kijken naar de positie van Cheiron in de horoscoop van John Upledger, de grondlegger van craniosacraal-therapie. Ik weet helemaal niets over zijn biografie en bied hier dus alleen maar een miniduiding van zijn Cheiron-thematiek, alsof ik me voorbereid op het bezoek van een cliënt. Zijn Cheiron onthult een verwondend gemis aan onvoorwaardelijke liefde in zijn allervroegste jeugd, een ontbrekend gevoel van welkom en volkomen veilig en versmolten zijn. Mogelijk waren er problemen toen zijn moeder zwanger van hem was. Ik vermoed dat hij niet gewenst was, zonder dat dat werkelijk werd uitgesproken. Het gevoel van niet gewenst zijn en er niet vanzelfsprekend bij horen, is echter ook een energie die hij van voorgaande generaties erft en waar hij ongetwijfeld tijdens zijn leven mee heeft geworsteld. Het is een pijnlijk gegeven waar hij mee heeft moeten leven. Door het te aanvaarden, zonder het te willen oplossen, kon hij zijn bewustzijn naar een hoger plan brengen en zijn energetische gave vrij maken: op energetisch niveau een diep gevoel van welkom, veilig en volkomen verbonden zijn overdragen. Een energie die kan genezen. Cheiron is bovendien een belangrijk brandpunt van energie in zijn horoscoop. Zo belangrijk dat Upledger er wel een uitingsvorm voor moest creëren of zoeken, wilde hij er niet aan ten onder gaan. Bij een dergelijke constellatie – zelfs al is het een anonieme horoscoop – weet je als astroloog dat een helende bezigheid, waarschijnlijk in de vorm van een beroep, van levensbelang is voor de betrokkene. Cheirons energie is bij Upledger nauw verbonden met zowel zijn diepe kernzelf, als met zijn ego. Bovendien is te zien dat hij hem heel gericht en krachtig kon inzetten, maar ook dat precisie, detaillering en vakbekwaamheid heel belangrijk voor hem waren, vooral als houvast. Upledgers horoscoop leest een schoolvoorbeeld van Cheirons belangrijke positie in de horoscoop van mentoren, helers en therapeuten.

Bewustwording in stappen

De energie van Cheiron vraagt een bewustwording in stappen van ons. Allereerst de erkenning van een onverdiend lijden dat ons regelmatig in de problemen brengt met alle machteloze woede en teleurstelling in onszelf die daarbij hoort. Daarna, de erkenning dat dit lijden onze erfenis is en daarom bij ons hoort, ook al is het niet onze schuld en is het ook niet echt rationeel te verklaren. Vervolgens, op deze erkenning een volledige acceptatie laten volgen: je gewonnen geven en de hoop opgeven dat je dit zult kunnen oplossen, het is namelijk groter dan jij. Tenslotte, de erkenning van je ‘hemelse’ kant, de genezer in jou en, daarachter, het dier in jou. Deze opereert op symbolisch of energetisch niveau en uitdrukkelijk niet op materieel-aards niveau. Wanneer je dit beseft, kun je groeien. Dat wil zeggen, wanneer je je problematiek naar een ander niveau tilt, zul je de innerlijke (hemelse) rijkdom ontdekken die je te bieden hebt als mentor of heler, al of niet professioneel opererend. Dan kun je bijvoorbeeld, ondanks je persoonlijke tragiek, op energetisch niveau een voedende en ruimte biedende moeder zijn, een partner die zich werkelijk verbindt, een natuurlijke leider met de argeloosheid van een kind, een zorgzame tuinman of –vrouw die laat groeien en helen, iemand die een genezend gevoel van veiligheid en verbondenheid biedt of één van die andere, inspirerende archetypen die de astrologie onthult. Nog een stap verder is de vereniging met het innerlijke, spirituele dier in jezelf.


Geraadpleegde literatuur

Mircea Eliade, 1989, Shamanism. Archaic techniques of ecstasy, Penguin Arkana

James Hall, 1992, Hall’s Iconografisch Handboek, Primavera Pers

Melanie Reinhart, 2006, Cheiron. De weg naar heelheid, vanuit astrologisch en psychologisch perspectief, Hajefa

Jane Roberts, 1992, Je lichaam, je leven en het wezen van creativiteit, Ankh-Hermes

Gustav Schwab, 1992, Griekse mythen en sagen, Het Spectrum

Sofia Souli, 1995, Griekse Mythologie, M. Toubis Uitgevers

Zane B. Stein, 2004, Keerpunt Cheiron. Wezen en werking, Hajefa

Geboortegegevens van John Upledger ontleend aan www.astro.com/astro-databank

Over de auteur

Vincent Botella werkt in Schiedam als astroloog, coach, healer en (Power-Yoga)docent. Zijn kracht ligt in de unieke combinatie van diepgaande inzichten, brede kennis en een zachte, respectvolle vorm van aandacht. Hij geniet het meeste als hij mensen, individueel en in groepen, zodanig weet te bevragen en mee te nemen dat ze zelf hun meest transformerende inzichten formuleren en haast ongemerkt, als vanzelfsprekend, in contact met hun passie komen. Dat maakt hem met name uitermate bekwaam als astroloog en coach.

www.vincentbotella.nl